Zzorgapotheken een eigen rol in de keten

Roelof Kok: Zzorgapotheken een eigen rol in de ketenMet farmaceutische zorgprogramma’s voor CVRM en diabetes hebben de Innovatieve Zzorgapotheken een eigen rol in de keten. Dat is goed nieuws voor de kwaliteit van de zorg, maar ook voor de zorgverzekeraar. Doelmatig medicatiegebruik levert direct en indirect aanzienlijke besparingen op.

 

De Innovatieve Zzorgapotheken hebben een rijke traditie in het leveren van farmaceutische zorg in nauwe samenwerking met huisartsen. Het gaat om 18 apotheken in vier samenwerkingsverbanden in de regio Leiden-Alphen aan den Rijn. “We zijn zelfstandige, niet concurrerende apotheken met hetzelfde gedachtegoed”, vertelt Roelof Kok van Apotheek Kok uit Leiden. “We bieden hoogwaardige zorg en voelen een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de rol van de apotheek binnen de keten goed in te vullen.”

Dat doen de Innovatieve Zzorgapotheken met financiering vanuit de module Geïntegreerde KwaliteitZZorg Farmacie van Zorg & Zekerheid. Deze is gericht op samenwerking tussen apotheekhoudenden en huisartsen en heeft als doel de kwaliteit en doelmatigheid van de farmacotherapie in de keten te vergroten. Dat moet ook resulteren in een verlaging van zorgkosten. Samenwerkingsverbanden die hiervoor in aanmerking willen komen moeten twee zorgprogramma’s uitvoeren, waarvan één gericht is op cardiovasculair risicomanagement. Het tweede kan betrekking hebben op diabetes, depressie of COPD.

Zorgprogramma CVRM
“Ons CVRM-programma richt zich op het voorschrijven en gebruik van antistolling bij patiënten met hart- en vaatziekten”, licht Kok toe. “De inzet daarbij is het verminderen van complicaties zoals bloedingen en het voorkomen van over- of ondergebruik. Door een betere instelling van patiënten verminderen we het risico op een volgende beroerte of myocardinfarct en voorkomen we negatieve bijwerkingen.”

Juist gebruik van antistollingsmiddelen kan tot veel besparing leiden. Onder meer omdat overgebruik de kans op bloedingen vergroot. En dat terwijl bloedingen door geneesmiddelen bovenaan de lijst van geneesmiddelgerelateerde ziekenhuisopnames uit het HARM-onderzoek staan.  Datzelfde onderzoek vermeldt dat een ziekenhuisopname als gevolg van een ernstige bloeding zesduizend euro kost. In Nederland krijgen drie van de honderd gebruikers van antistolling één keer per jaar een ernstige bloeding. In totaal telt Nederland 350.000 gebruikers van antistollingsmiddelen.

Zorgprogramma diabetes
Het tweede zorgprogramma betreft het voorschrijven en gebruik van RAS-remmers bij diabetespatiënten. Doelmatig gebruik, substitutie en het verminderen van nefropathie zijn de doelen. Naast gezondheidswinst valt volgens de samenwerkende apotheken en huisartsen een aanzienlijke kostenbesparing te behalen door goed te bewaken op microalbuminurie en het uitstellen van microalbuminurie en daaropvolgende nefropathie door inzet van RAS-remmers.
Een dialysepatiënt kost gemiddeld € 70.000 per jaar. Door gebruik van RAS-remmers kan dialyse worden voorkomen of uitgesteld. Dat bewijst een onderzoek onder 4447 patiënten met diabetes type II, waarbij olmesartan het intreden van microalbuminurie vertraagde ten opzichte van de placebogroep (N.Engl.J.Med 2011; 364: 907-17). Naast deze indirecte besparing willen de Innovatieve Zzorgapotheken een directe besparing realiseren door substitutie. Om hierover duidelijke afspraken te maken tussen apothekers en huisartsen, is een FTTO gestart.

Steeds slimmer interveniëren
Bijzonder is de samenwerking met het Pharmo Instituut. Dat maakt de voortgang op de indicatoren die met Zorg & Zekerheid zijn afgesproken inzichtelijk en voorziet apothekers en huisartsen van zorg- en stuurinformatie. De basis is de registratie in het apotheekinformatiesysteem Pharmacom en verschillende huisartsinformatiesystemen. “Huisartsen en apotheken sturen de data uit hun systemen naar Pharmo. Om te scoren op de indicatoren, maar ook om slimme combinaties te maken tussen gegevens en informatie terug te geven waar we als zorgverleners iets mee kunnen. Die informatie helpt ons bijvoorbeeld om de zorg alleen op die patiënten te richten die deze nodig hebben.”

Het Pharmo Instituut maakt op basis van afgesproken criteria steeds nieuwe selecties van patiënten die baat kunnen hebben bij een screening van het medicatiegebruik door de apotheker. Op basis van de actuele medicatiegegevens uit Pharmacom, labwaarden uit het huisartsinformatiesysteem en een gesprek met de patiënt brengt de apotheker mogelijke verbeterpunten in kaart. Daarbij kan het bijvoorbeeld gaan om het wegnemen van zorgen of onwetendheid die de therapietrouw beïnvloeden, substitutie, het stoppen of starten van medicatie of het laten aanvullen van ontbrekende labwaarden (bijvoorbeeld met betrekking tot de nierfunctie). “Dat doen we in overleg met de huisarts en zo nodig met andere voorschrijvers.”

Voortschrijdend inzicht
Met deze zorgprogramma’s maken de Innovatieve Zzorgapotheken transparant wat hun toegevoegde waarde is in de keten. De indicatoren die Zorg & Zekerheid vraagt, zijn nu nog vooral gericht op de mate van gebruik, de substitutiegraad en dergelijke. “‘Maar we zoeken samen met de zorginkopers, huisartsen en Pharmo naar steeds scherpere, gecombineerde indicatoren, die echt wat zeggen over de kwaliteit van geïntegreerde zorg”, aldus Kok. “Als apotheken meten we onze toegevoegde waarde bij voorkeur in termen van therapietrouw en gezondheidswinst. Daar hebben we nog een slag  te maken. Het is een lopend proces met voortschrijdend inzicht: door het combineren van data hopen we steeds slimmer te werk te kunnen gaan en tegelijkertijd blijven we in gesprek met de verzekeraar om de daarbij passende indicatoren te ontwikkelen.”

Tekst: Margriet van Lingen

Colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn anno 2021

‘Inflammatory bowel disease’ (IBD; inflammatoire darmziekten) is de paraplu waaronder colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn worden samengevat. Deze ziekten hebben bepaalde overeenkomsten voor wat betreft hun klachten en symptomen maar er zijn ook duidelijke verschillen. In ongeveer 10% van de gevallen zijn de kenmerken van zowel colitis ulcerosa als de ziekte van Crohn aanwezig. In deze gevallen spreekt men van niet-classificeerbare colitis. De incidentie/prevalentie van colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn zijn (per 100.000 personen) ca. 10/60 resp. ca. 7/45. Wat zijn de overeenkomsten tussen colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn? Beide zijn chronische ziekten en beginnen vaak in de tienerjaren of op jonge volwassen leeftijd – maar zij kunnen zich op elke leeftijd openbaren. Zij komen ongeveer even vaak bij vrouwen voor als bij mannen. De verschijnselen van beide ziekten lijken veel op elkaar en de oorzaken van beide zijn onbekend. Ook zijn er factoren…

Maatwerk en tijd nodig voor goede zorg rond de menopauze

NHG-Standaard De overgang ingehaald door nieuwe ontwikkelingen Doordat de NHG-standaard De overgang uit 2012 hormoonbehandeling bij vrouwen in de overgang afraadt en doorverwijzen naar tweede lijn niet nodig vindt, lopen veel vrouwen met overgangsklachten onnodig met hun klachten door of komen in de ziektewet terecht, volgens gynaecoloog Ingrid Pinas en apotheker Eric van der Borg die samen met Henk Franke, gynaecoloog en osteoporosespecialist nascholingen verzorgen voor apothekers, huisartsen en bedrijfsartsen. “Bij overgangsklachten is maatwerk nodig en daarvoor is tijd en up-to-date-kennis nodig, zoals in de NVOG-richtlijn Management rondom Menopauze uit 20181 wordt beschreven.” Vrouwen met overgangsklachten onbehandeld rond laten lopen, heeft grote gevolgen. Allereerst voor het welzijn van de vrouwen: door goede voorlichting en ondersteuning met leefstijlinterventies en zo nodig gebruik van hormoonvervangende therapie en andere medicatie neemt de kwaliteit van leven toe en wordt bijvoorbeeld het cardiovasculaire risico ingedamd. Daarnaast zijn onbehandelde ernstige klachten geassocieerd met meer ziekteverzuim. Menopauzezorg…

Vacatures

Sluit u aan bij meer dan 6.500 huisartsen en apothekers die tweewekelijks onze nieuwsbrief ontvangen over ontwikkelingen in de eerste lijn.